woensdag 4 november 2026

Juan Atkins



 Gezien de uitbarstingen van emotioneel eerbetoon (waaronder een waar kunststukje van Jeff Mills, dat iedereen ondertussen al wel gelezen zou moeten hebben) mag duidelijk zijn dat met Juan Atkins een hele grote te vroeg is heengegaan. Het is om eerlijk te zijn de allereerste keer dat een elektronisch muzikant waarmee ik opgegroeid ben en die veel voor me heeft betekend de geest geeft. Het is in 2026 moeilijk uit te leggen wat voor een revolutie die eerste electro, house een techno 12-inches en verzamelalbums uit Chicago, New York en Detroit te weeg hebben gebracht. Net zoals met Bob Dylan, The Beatles of The Sex Pistols moet je erbij geweest zijn om het effect van de eerste machinemuziek op de jonge nog ontvankelijke geest te begrijpen. 

 Ik kan van weinig mensen zeggen dat ze mijn leven een definitieve draai hebben gegeven. Juan Atkins heeft dat gedaan. Niet alleen is Atkins voor mij tot op de dag van vandaag - lichtjaren voor op ware genieën als Derrick May en Carl Craig en zelfs nog met enige voorsprong op olympiërs als Mad Mike en Jeff Mills - de enige echte Mister Detroit Techno. Detroit was ooit 'Techno City' op een 12-inch van Cybotron en voor de legendarische Techno! (The New Dance Sound of Detroit) maakte hij 'Techno Music'. Feit: Detroit Techno begint met Juan Atkins. 

 Hij was ook de ultieme muzikale verpersoonlijking van dat unieke utopische element dat iedereen die de jaren van pakweg 1986 tot op zijn laatst 2000 op dansvloeren aller landen als het goed is nog steeds bij wijlen in zijn bloedstroom voelt rondwaren. Het gevoel dat Juan Atkins zo overtuigend uitdroeg met zijn 'The Future is here!'. Dat de toekomst anders is uitgekomen maakt geen zier uit. Even was die er. En dat was genoeg voor een heel leven.

 Veertien jaar slechts was ik toen ik op een Antwerpse stadsradio voor het eerst de naam Model 500 hoorde. Het nummer was 'What's The Game', dat wel iets gemeen had met de house en acid die ik al kende van Chicago, maar toch fundamenteel anders klonk. Pas jaren later wist ik het op vinyl te bemachtigen. Wat ik wel snel daarna te pakken had was het verzamelalbum Jack Trax - the Fifth Album, waarvan de eerste drie kanten volledig aan de laatste hippe Chicago house en acid gewijd waren. Maar op kant 4 stonden er zomaar eventjes drie nummers van Model 500 (waaronder de onsterfelijke D-Mix van überklassieker 'No UFO's') en een nummer van het mij toen onbekende Mayday. De Detroit Style Mix van 'Cosmic Cars' was het volgende puzzelstuk. Al snel volgden aankopen van platen op Metroplex, Transmat en KMS. Vanaf toen was het los. Tot op de dag van vandaag feitelijk. Smakelijk lach ik hen uit, zij die nu niet meer naar deze muziek luisteren. Een snelle duik in de platenkast leert dat haast niks ervan nu gedateerd klinkt. En nog steeds stukken beter dan de meuk die ze nu voor elektronische dansmuziek verslijten.


 De liefde voor Detroit Techno is nooit meer weggegaan en brandt nog steeds als te voren. Nog deze week kocht ik de laatste van Jeff Mills en mocht er nog ooit een Underground Resistance verschijnen dan zal die zeker niet ontbreken in de verzameling. Elke nieuwe Gerald Donald doet me twijfelen: zou ik misschien toch nog...?

 En dat komt allemaal gewoon door Juan Atkins. Ik denk dat ik buiten van Carl Craig en Mad Mike voor de vuist weg van geen enkele technoartiest zo veel favorieten kan opnoemen. Toch maar even voor de goede orde, niet om te laten zien wat voor een ontzettend goede smaak of brede kennis van Detroit Techno ik wel heb, maar gewoon omdat al die platen zo veel mooie momenten van ontdekking en inspiratie oproepen: What's The Game, No UFO's (D-Mix), Electronic, Interference, Off to Battle, I See the Light, Technicolor, The Chase, Clear, Cosmic Cars, Alleys of Your Mind, Jazz is the Teacher, The Cosmic Courier, Starlight, Neptune, I Wanna Be There, Vessels in Distress, Techno Por Favor, The Passage, Game One, Infoworld en niet te vergeten Night Drive (Time! Space! Transmat! nog aan toe), dat ik onmiddellijk na het vernemen van 's mans verscheiden door de luidsprekers heb laten knallen, 'Driving in a Porsche 924 / Tempting fate just a little more'. Rillingen. 


 Heb ik het nog niet over zijn samenwerkingen met Orlando Voorn, Moritz von Oswald, Thomas Fehlmann en originele maatjes Kevin Saunderson en Derrick May (die gisteren duidelijk zijn eeuwige arrogante cool tot het uiterste moest bewaren om niet voor heel de wereld in tranen uit te barsten op Instagram - Ja, Derrick, dat hebben we gezien!) en zijn prachtige remixes voor E-Dancer of Moodymann. Of zijn sublieme bijdragen aan Red Planet 4 ('Search Your Feelings') en Galaxy 2 Galaxy ('Journey of the Dragons'.

 Serieus: Juan Atkins was en is helemaal mijn ding. Die moet ik niet Googlen. En naar het aantal emotionele eerbetonen gisteren en vandaag op Instagram was ik daarin verre van alleen. Kom daar nog eens om in 2026. 

 Mooi ook dat Juan Atkins ondanks minder onmiddellijk en ostentatief succes dan Carl Craig, Derrick May en Jeff Mills en vele jaren van ziekte steeds bleef doorgaan met muziek maken en tot in 2026 nieuwe muziek uitbracht. Zijn legendarische Metroplex kende trouwens de laatste jaren weer een zoveelste opflakkering. Zeggen dat Juan Atkins er klaar mee was zou dus liegen zijn. 

 Als Belg en Antwerpenaar kon ik natuurlijk enkel maar blij zijn dat hij essentiële platen uitbracht op R&S, Apollo en Buzz. De muziek lag letterlijk voor het grijpen en de enige keer (misschien heb ik hem vaker gezien maar mijn herinneringen van de periode 1994-2000 zijn vaker dan niet gehuld in de mist van de extase ) dat ik hem heb gezien was ook in mijn thuisstad. Ook een van zijn allerlaatste worpen in 2026, Model 500's Classics Vol. 2 was weer een Belgische uitgave. 

  Uiteindelijk herinner ik me hem het liefst als op bovenstaande foto. Als de Jedi van de Detroit Techno, die met The Force als instrument de meest visionair mogelijke muziek met ons heeft gedeeld. Ondanks dat die door machines gemaakt is klinkt Atkins nooit agressief of dwingend. Het is altijd een immer openstaande uitnodiging de dingen anders en beter te doen. Om tijd en ruimte te dromen en te blijven herdromen.  

 Nee, van Juan Atkins ga ik nooit afscheid nemen.

dinsdag 3 november 2026

Djrum - DJ-Kicks

 Het is een understatement dat het fenomeen dj en de dj-set in pakweg de laatste vijftien jaar een serieuze inflatie hebben ondergaan. Iedereen, of ze nu van dichtbij of verre iets van muziek kennen - of zelfs helemaal niks - is nu dj. Er zijn online letterlijk miljoenen dj-sets te vinden en de gestage corrosie van de gemiddelde kwaliteit van de gemiddelde set gecombineerd met het naakte feit dat je me nog zelden in een club of festivaltent zal vinden maakt dat ik niet echt nog zat te wachten op de laatste DJ-kicks.

 Een commentaar op Discogs - iedereen is nu ook commentator - beweerde dat de mensheid niet klaar is voor deze mix van Djrum. Ook op The Quietus gewaagt de recensent van kunst. Dat creëert verwachtingen die Djrum - ooit begonnen in de nadagen van dubstep als gewoon DJ Rum - natuurlijk nooit kan waarmaken. Dat is zijn schuld niet. 

 Voor mij betekent dat vooreerst dat je na beluistering besluit dat dit niet de laatste keer is dat je deze mix gaat afspelen. Klassieke cd's laat staan online mixes die herbeluistering verdienen mogen dan minder zeldzaam zijn dan je ze op de vingers van een hand kan tellen, niettemin ligt de lat ligt zeer hoog. Met - ik noem maar wat namen - Andrew Weatherall, Laurent Garnier, Jeff Mills, Ricardo Villalobos, Surgeon, Shackleton of I-F als leden van een mogelijk pantheon zal Djrum van goeden huize moeten komen.

 Met 31 nummers in 82 minuten kan hem in elk geval geen ambitie ontzegd worden. Zoveel nummers riskeert een eclecticisme waarin moeilijk een thematische eenheid of lopende draad in te ontwaren valt. In de positieve zin betekent veel nummers dat je een narratief met pieken en dalen kan opbouwen. Omdat ik nu al een tijdje geen clubmuziek meer luister is er wel het persoonlijke voordeel dat ik van haast geen enkele van de artiesten hier heb gehoord. Verwachtingen heb je dan niet en context feitelijk evenmin.

 Met die genoemde eenheid zit het wel snor. Er mogen dan genoeg ruststukken ingelast worden, de mix rust toch vooral op een festijn van percussieve ritmes en dendert vaker dan niet aan minstens 160 beats per minuut voorbij. Die nu ondertussen klassieke hyperactieve Britse ritmesculpturen van allerlei soorten gebroken beats - van hiphop en hardcore over jungle, drum & bass, dubstep, footwork tot onmogelijk complexe Afrikaanse, Zuid-Amerikaanse, Oosterse en Aziatische ritmes - razen dan wel constant door als een ware wervelwind, ze vormen toch eerder een substructuur waar over en door hij heel erg subtiel en met veel gevoel voor muzikaliteit klassieke instrumentatie, ambient, field recordings (in dit geval de klassieke wildlife opnamen van Chris Watson) en zweverige wereldvocalen heen weeft. 

 Het primaat van de percussie en het relatieve gebrek aan bas - in die zin dat de mix er voor een keer niet in verzuipt - houdt ondanks de vaak onmenselijke snelheden het hele geluidsmozaïek ragfijn en welafgelijnd. Ik durf hier de vergelijking met andere meesters van de subtiliteit als Actress en Shackleton op tafel te leggen - in mijn wereld een groot compliment. Hier is lang over nagedacht en aan gewerkt en het resultaat mag er zijn.  

 Erg mooi ook is dat de scharnieras waarrond hij zijn hele constructie heeft opgezet zowaar het prachtige 'Only Loved by Night' van The Raincoats is. Opeens is het daar verrassend uit het niets als centraal ijkpunt dat je de oren doet spitsen en alles in perspectief zet. En daarmee meteen ook maar de postpunkwortels van het Britse dansgebeuren in de verf zet. Het maakt dat je de verdere aanstormende slagwerktsunami's weer even met frisse moed aankan.

  Uiteindelijk blijken de hele tachtig minuten voorbij te vliegen en hoewel je na zo een niet aflatende aaneenschakeling van flipperkastritmes wel even blij bent met rust en ademruimte laat deze Dj-Kicks je voldaan achter. Met het bijkomende verlangen dat je dit wel eens op een goed geluidssysteem zou willen ervaren.

 Of dit een absolute klassieker is, durf ik na drie beluisteringen nog niet te zeggen maar indrukwekkend en vooral vaak ontzettend mooi is dit wel.

   

zondag 2 augustus 2026

     Deze morgen tijdens het baden had ik Kaoru Abe's Winter opstaan en scrollend door zijn wikipedia artikel - hij stierf in 1979 aan een overdosis - herkende ik plots de naam van zijn echtgenote, Izumi Suziki, die naast activiteiten als actrice in pink movies en avant-garde theater en model voor de beruchte Nobuyoshi Araki ook nog eens science fiction schreef. En in 1986 zelfmoord pleegde. Japanser wordt het alvast niet.

    Had ik niet ooit een bundel van haar verhalen aangeschaft? Inderdaad vond ik na enig zoeken Terminal Boredom. Terwijl ik dit schrijf heb ik al zes van de zeven verhalen achter de kiezen. 

    Maar dat terzijde. Een uurtje geleden nog was ik naar de soundtrack van Do The Impossible aan het luisteren, een documentaire over Sun Ra.

    Op de laatste bladzijde van Forgotten, het voorlaatste verhaal van Terminal Boredom lees ik daar toch wel opeens "Sun Ra's Heliocentric came on."

    Overigens draagt de buitenaardse partner van de vrouw in dat verhaal de naam Sol.

    Geheel terzijde had ik me misschien ook wel verhangen als ik het titelverhaal Terminal Boredom bedacht had.    

     Hoewel dat binnen een paar eeuwen, zelfs misschien binnen een paar decennia al,  allemaal wat minder spectaculair zal lijken (omdat mensen nu eenmaal altijd graag wat meewarig over hun verleden praten, om vervolgens exact dezelfde - of zelfs nog ergere fouten - te maken), gaat die 21ste eeuw er toch wel met een snelvaart vandoor.

    Mark Leonard, de directeur van het European Council on Foreign Relations (wat ik veronderstel de zoveelste denktank te zijn), van wie ik gisteren een redelijk interessant interview las tijdens mijn wekelijkse gedoemde poging om nog enige interesse op te wekken voor wat de de gedrukte pers (de gazet, zoals we dat vroeger noemden) in Vlaanderen nog mag betekenen, heeft tot nu toe drie boeken geschreven. Je kent dat wel: boeken met een titel die proberen te doen vermoeden dat de auteur een priemende en allesomvattende blik heeft op de (geo)politiek en socio-economie die boven die van andere intelligente mensen uitstijgt. Hij is wat wij tegenwoordig een expert moeten noemen. 

    De eerste was Why Europe Will Run The 21st Century uit 2005. Een titel waarvan je vermoedt dat hij nu flink spijt heeft. De tweede uit 2008 was al wat realistischer en nederiger genaamd What Does China Think? De derde, uit 2021, heet The Age of Unpeace.

    Niet dat ik het ga lezen, maar ik kijk al uit naar de titel van zijn volgende boek.
   

donderdag 30 juli 2026

  Na een korte eerste kennismaking met Claire Lispector kan ik onmogelijk zeggen of ze een van de origineelste genieën uit de wereldliteratuur dan wel een volslagen onzin uitkramende waanzinnige is. 

 Wordt vervolgd.

dinsdag 14 juli 2026


    Muziek valt op te delen in twee aanvangsdichotomieën: nodig / onnodig en interessant / niet interessant. In tijden waarin je wel erg je best moet doen om je te doen gelden in de wijde wereld kan je beter met een origineel concept voor de dag komen. Als je de naam van het terecht vermaarde maar de laatste jaren wel heel erg vergoddelijkte Autechre laat vallen in combinatie met akoestische gitaar dan zullen de oren van liefhebbers aller landen wel gespitst gaan staan. Gezien de vele enthousiaste reacties was hier blijkbaar een publiek voor. En dan? Er was ooit ook een publiek voor Nouvelle Vague.

     Shane Parish concentreert zich voor zijn analoge versies op tracks - laten we Autechre's muziek alstublieft geen composities noemen - van de eerste drie platen. Je neemt aan wegens de nog relatief ongecompliceerde beats en eerder toegankelijke melodiciteit.    

    Niemand gaat beweren dat deze plaat niet aangenaam klinkt en dat Parish geen gitaar kan spelen en je twijfelt niet aan zijn bewondering voor het duo. Maar hij doet Autechre wel heel erg gewoontjes klinken. De spannende momenten zijn niet zozeer zeldzaam. Er zijn er gewoon geen. 

    Wat is ook het punt van elektronische beats en ijle synths op een gitaar te zitten tokkelen? Net zoals techno op echte instrumenten spelen of door een symfonisch orkest laten vertolken loopt het finaal uit op muzikale Frankenstein die het slechtste van twee werelden oplevert. Parish mist zowel het popaspect dat je met veel goede wil uit de eerste meer ambient gerichte Autechre platen zou kunnen puren als de complexiteit van de niet-menselijke programmatuur die hij op een akoestische gitaar niet kan evenaren.  

    Hoewel geen fanaat ben ik best wel goed op de hoogte van het oeuvre van Autechre maar als je mij had gezegd dat dit de laatste van een of andere Americana fingerpicker was en ik niet van dit project had afgeweten zou ik nooit geraden hebben dat dit nummers van Autechre zijn. Eender welke herwerking, hoezeer ook vernietiging, radicale verbouwing of loutere herneming moet en zal de essentie van het origineel behouden. Dat mis je hier helemaal.  

     Het resultaat is veel te gemakkelijk wegluisterende plaat die - dat zal nu geen verrassing meer zijn - matig interessant en in feite volledig onnodig is. Als je dan weet dat Parish wel eens een duo aangaat met regelrechte snarenfolteraar Tashi Dorji en een groepje vormt met Bill Orcut, Ava Menoza en Wendy Eisenberg is dit helemaal een weke sof. Dan was Señor Coconut tenminste nog grijnzen geblazen. 

    Het is waarschijnlijk al te laat maar laten we hopen dat het anderen niet op gelijkaardige slaapverwekkende briljante ideeën brengt.

zaterdag 11 juli 2026

Lees net ergens politicisation of air conditioning. Zo diep afgedaald in het vulgaire denken zijn we dus. 


donderdag 18 juni 2026

  Zonet - na eerst Climbers in een ruk uitgelezen te hebben - een tweede lezing van de Kefahuchi Trilogy (Light - Nova Swing - Empty Space) van M. John Harrison volbracht en het is raar - en dan natuurlijk ook weer niet - dat de tot nu toe beste schrijver van de 21ste eeuw zijn carrière is begonnen bij New Worlds, nog net in de staart van de jaren zestig, in de grote dagen van legenden als Michael Moorcock en J.G. Ballard, Langdon Jones en Charles Platt. 

 Trouwens geheel volgens plan net op tijd om de nieuwe, The End of Everything, aan te vatten. 

zaterdag 30 mei 2026

 'Even now, I don't want to believe that the worse it is, the better they like it, but there's an awful lot of evidence pointing that way.'

- Derek Bailey

vrijdag 15 mei 2026

 Taal, gesproken en geschreven, is een instrument ontwikkeld door de soort homo sapiens zodat twee of meer homines sapientes met elkaar kunnen communiceren. Ik vraag mezelf af wanneer de hersenschim is ontstaan dat de taal ook een waarheid zou uitdrukken die verder gaat dan de verzameling van alle subjecten die deze als waarheid aanvaarden. 

 It was Georges Bataille, writing in a catalogue essay for the 1947 exhibition La Surréalisme at the Galerie Maeght in Paris, who noted that "the absence of myth is also a myth." It implied , he believed, a breakdown of communication, a breakdown of society's own self-understanding. It was perhaps "the only true myth."

      Robert Barry: The Music of the Future 

woensdag 22 april 2026

  Keith Jarrett is zonder twijfel een genie en heeft voor een enkele muzikant een ongelooflijke hoeveelheid goeie tot waarlijk hemelse platen uitgebracht. Ik ontdek nog elke maand een nieuw meesterwerk (naar goede tegendraadse gewoonte ben ik dan weer niet helemaal overtuigd door The Köln Concert, maar dat terzijde). 

  Maar soms zou ik toch willen dat hij zijn bek houdt en gewoon piano speelt. Ontzettend irritant, dat ritmische gemurmel. Bijna zou je voorafgaande opzoekingen gaan doen om uit te vinden op welke platen hij niet meezingt.

zaterdag 11 april 2026

  Als er een plaat is die in 2026 radicaal anders klinkt dan tijdens de originele release is het wel The Disintegration Loops.  

 Na 9/11 was het een lamento voor New York. Vandaag is de soundtrack voor het einde van Amerika. Een requiem haast. 

donderdag 19 maart 2026

  Het is op. Gedaan. Finito. Over. Leeg. Voorlopig ten einde. Ik heb ze alledrie gelezen. Nu moet ik wachten tot Claire-Louise Bennett een nieuw boek aan de wereld prijsgeeft.

 Tot dan lees ik me wel verder in in het innerlijke landschap van Gerald Murnane. En er ligt best nog wel genoeg op de plank.

 Maar hoeveel liever was het me geweest dat er nog een Claire-Louise Bennett klaar lag.  

 Ik wil nu geen Virginia Woolf. Geen Claire Lispector. Geen Ann Quin. Geen Fleur Jaeggy. Ik wil Claire-Louise Bennett. 

  Tenzij alle elektriciteit voor langere tijd zou uitvallen, is damnatio memoriae zelfs niet denkbaar meer. Goed of slecht, dat is voorwerp voor discussie.  

woensdag 18 maart 2026

  Heb me 47 jaar na verschijnen dan toch maar een vinyl van Chance Meeting on a Dissecting Table of a Sewing Machine and an Umbrella aangeschaft. De NWW List staat nu netjes op de binnenkaft geprint. Op een of andere manier scheen dat toch belangrijk voor de plantenverzamelaar in mij. Hoewel die lijst me al jaren weinig tot niks meer interesseert. Zoals elke andere lijst. Ooit zal er wel een drang geweest zijn van elke artiest op die lijst minstens een plaat te beluisteren. Daar kwam dan waarschijnlijk een andere drang voor in de plaats. Opsommingen zijn een begin, een kiem, een cluster van mogelijkheden. Je mag die nooit helemaal lezen. Toch zeker niet te aandachtig. Het is de ultieme beschrijving, die alles en niks zegt. Totalitair de wereld willen vatten. Alles willen laten zien. Er zijn zaken en namen die ik helemaal niet wil zien en lezen. Dank u.

 Zag nu ook voor de eerste keer dat de domina met kattenstaartgesel is neergezet naast een rij van halfnaakte concentratiekampgevangenen (of toch wat daarop lijkt). Niet het soort collage dat je vandaag nog zal zien op de voorkant van een elpee. We zijn nu zo ver dat zulke dingen opnieuw als schokkend ervaren worden. Omdat ze altegenwoordig zijn. 

 De cirkel is rond: we hebben nu terug emancipatie en verlichting nodig. De taak is nooit volbracht.

donderdag 8 januari 2026

  Kan je dat geloven?

  Dat er een tijd was dat we met z'n allen onze tijd verscheten op het internet?